Foto gemaakt door Ab Donker - Buurmalsen - Terwijl we komende maandag november op de kalender zien staan, kan de temperatuur stijgen tot 20 graden. Het 22e warmterecord van 2020.
Foto gemaakt door Ab DonkerBuurmalsenTerwijl we komende maandag november op de kalender zien staan, kan de temperatuur stijgen tot 20 graden. Het 22e warmterecord van 2020.
Nu

Deze eeuw 10 keer meer warmte- dan kouderecords!

Weer.nl heeft onderzoek gedaan naar het aantal temperatuurrecords voor De Bilt uit deze eeuw. Vorige week woensdag was het officieel de warmste 21 oktober en het tiende warmterecord voor de maximumtemperatuur. Met de minimumtemperatuurrecords erbij heeft 2020 maar liefst 21 warmterecords tegen 2 kouderecords! In zijn geheel telt deze eeuw 10 keer meer warmte- dan kouderecords.

Dit jaar doet daar nog een schep bovenop. Komende maandag wordt het volgens de huidige berekeningen in De Bilt 19 graden en dit betekent alweer een warmterecord, nummer 22 van dit jaar.

Sinds 2000 tellen we jaarlijks gemiddeld 15 warmterecords tegenover 1 à 2 kouderecords.

Tot eind jaren ’80 was het aantal warmte- en kouderecords nagenoeg gelijk. Er was een goede balans. In de jaren ’90 is deze balans flink verstoord en deze eeuw is de balans totaal uit verhouding. Een dagrecord zegt vaak nog niet zoveel, maar deze verhouding wel. Sinds 2000 tellen we jaarlijks gemiddeld 15 warmterecords tegenover 1 à 2 kouderecords.

314 warmterecords tegenover 31 kouderecords

Deze eeuw telt nu 314 warmterecords en maandag staat de teller zeer waarschijnlijk op 315. Dit zijn zowel alle minimum- als maximumtemperatuurrecords. Kouderecords komen gelukkig nog voor, maar ze zijn zeldzaam. Slechts 31 keer lukte dit in De Bilt, maar de jaren 2000, 2002, 2006, 2007, 2008 en 2009 tellen geen enkel kouderecord.

De jaren 2000, 2002, 2006, 2007, 2008 en 2009 tellen geen enkel kouderecord.

Warmterecords in overvloed dus, vooral wat de maximumtemperatuur betreft, 160 stuks! De minimumtemperatuur telde deze eeuw tot dusver 154 records.

Kouderecords vooral in de zomernachten zeldzaam

Vooral in de nachten zijn kouderecords een zeldzaamheid geworden. Deze eeuw telt De Bilt er slechts 13, terwijl het qua maximumtemperatuur nog ietsjes vaker lukte; 18 keer.

Tijdens zomernachten zijn kouderecords het zeldzaamst geworden. Deze eeuw lukte dat slechts één keer, op 31 juli 2015. Dit is te verklaren door de hoeveelheid bodemwarmte die in de zomer wordt opgeslagen. De gemiddelde zomertemperatuur is in 30 jaar tijd 1,4 graden gestegen. De opgeslagen warmte straalt ’s nachts uit en verkleint de kans op een kouderecord. De andere seizoenen tellen deze eeuw allemaal 4 recordkoude nachten.

Het is niet uitgesloten dat we in de toekomst in de lente geen verdere afname zien in het aantal kouderecords in de nachten. Door klimaatverandering neemt de kans op droogte in het vroege voorjaar toe en daardoor wordt de dagelijkse gang – het verschil tussen de minima en maxima - groter. Als er weinig vocht aanwezig is ontstaat minder snel mist en kan het boven een kurkdroge bodem veel sneller afkoelen. Dat zagen we ook dit jaar gebeuren, waardoor mei ons verraste met 2 kouderecords.

Het jaarlijkse aantal officiële datumrecords wat de temperatuur betreft in De Bilt. Gemiddeld telt een jaar deze eeuw 1 à 2 kouderecords tegenover 15 warmterecords.
Het jaarlijkse aantal officiële datumrecords wat de temperatuur betreft in De Bilt. Gemiddeld telt een jaar deze eeuw 1 à 2 kouderecords tegenover 15 warmterecords.

In de herfst soms nog wel recordkoud

De kouderecords die nog zijn overgebleven, komen vooral tijdens herfstdagen voor. Qua maximumtemperatuur telt de herfst nog 7 kouderecords, tegenover slechts 3 recordkoude dagen in de winter en zomer en 5 in de lente. Opvallend is dat het zowel in 2017, 2018 als in 2019 nog een keer recordkoud was op een herfstdag. Tijdens deze drie dagen was het altijd bewolkt en kletsnat onder een slepend front bij een aflandige wind. Deze factoren samen komen ook tijdens het opwarmende klimaat nog af en toe voor.

Meeste warmterecords ook in de herfst!

Het is frappant dat de herfst niet alleen de meeste kouderecords telt, maar ook de meeste warmterecords. Vooral de warme herfstnachten springen eruit, deze eeuw telde maar liefst 46 recordwarme nachten tegenover 36 in de overige seizoenen. Dit heeft te maken met de steeds warmere Noordzee voor de deur en de grote hoeveelheid bodemwarmte die tegenwoordig wordt opgeslagen in de zomer. Overigens had de zomer van 2020 maar liefst 10 recordwarme nachten, geen enkel seizoen had in de nacht zoveel warmterecords!

De zomer van 2020 telt maar liefst 10 recordwarme nachten, dat is uniek!

Wat de maximumtemperatuur betreft springt de winter eruit met 44 warmterecords tegenover 40 in de herfst, 39 in de zomer en 37 in de lente. In de winter zien we steeds vaker zuidwestenwinden in ons land. Omdat de Atlantische Oceaan opwarmt zijn deze winden veel zachter dan een halve eeuw geleden. Afgelopen jaren was het tijdens de feestdagen vaak boterzacht en alles behalve winters. Het seizoen met de meeste warmterecords qua maximumtemperatuur is overigens de ’40-gradenzomer’ van 2019 met 9 warmterecords.

Lente blijft achter met warmterecords

Het is opvallend dat de lente iets achterblijft met het aantal warmterecords, dit zien we vooral in de maximumtemperatuur terug met 37 warmterecords. Dit heeft waarschijnlijk te maken met noorden- tot oostenwinden die we regelmatig hebben in de lente. De lucht, die soms een arctische oorsprong heeft, is niet beduidend warmer dan in de vorige eeuw. Bij zuidenwinden is dit wel het geval. Omdat we ook deze zuidenwinden vaak hebben in de lente, zien we wat de maxima betreft tóch nog 37 warmterecords tegenover 5 kouderecords. Waar hebben we het over?

Het totaal aantal officiële datumrecords in De Bilt uit deze eeuw, per seizoen. De herfst telt zowel het grootst aantal koude- als warmterecords.
Het totaal aantal officiële datumrecords in De Bilt uit deze eeuw, per seizoen. De herfst telt zowel het grootst aantal koude- als warmterecords.

2010 was eventjes normaal

Deze eeuw kreeg tot nu toe alleen 2010 het voor elkaar om een evenwicht te scoren. Dat jaar, met een koude winter en een warme zomer, noteerde 6 koude- en 6 warmterecords.

De meeste warmterecords hadden we in 2015, maar liefst 27! Daarna volgt 2018 met 26 warmterecords. Dit jaar staat de teller op 21, maar we hebben nog twee maanden te gaan. Als we deze trend doorzetten, komen we op 25 warmterecords uit.

Welk jaar was het extreemst?

Volgens de statistiek was het totaal aantal records deze eeuw in de herfst het grootst (97) en in de zomer het kleinst (79). Van seizoen tot seizoen en van jaar tot jaar kan het aantal records natuurlijk enorm verschillen. Het ‘extreemste’ seizoen was de winter van 2016. Vooral dankzij de recordwarme december 2015 kon het seizoen 16 records noteren, uiteraard allemaal warmterecords. Daarachteraan komt de herfst van 2015 met 14 records en daarna volgen de lente van 2018, de zomer van 2020 en de herfst van 2005 met ieder 13 datumrecords.

De jaren met de meeste records waren 2015 en 2018 met allebei 30 temperatuurrecords! Rustig was het in 2009, met slechts 7 records.

Jordi HuirneMeteoroloog en presentator